Op een boeiende avond presenteerde prof. dr. Anton van Kalmthout een lezing over de betekenis van de Raad van Europa. De lezing concentreerde zich zowel op de historische context als op de huidige rol en uitdagingen van deze vaak onderbelichte instelling binnen de Europese politieke structuren.
Van Kalmthout betoogde dat de Raad van Europa, opgericht na de Tweede Wereldoorlog, primair tot doel heeft om democratie, mensenrechten en de rechtsstaat in Europa te bevorderen en te beschermen. Hoewel veel mensen de Raad van Europa vaak verwarren met de Europese Unie, hebben beide entiteiten fundamenteel andere doelstellingen en structuren.
Van Kalmthout benadrukte de unieke rol van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens als een essentieel instrument voor het handhaven van de mensenrechten binnen Europa. Het Hof biedt burgers, na uitputting van nationale rechtsmiddelen, de mogelijkheid om in beroep te gaan wanneer zij denken dat hun grondrechten zijn geschonden. De uitspraken hebben directe werking en de lidstaten zijn verplicht deze te implementeren.
De Raad van Europa is eveneens verantwoordelijk voor de Commissie voor de Preventie van Foltering (in het Engels: CPT). Deze commissie speelt een cruciale rol in het inspecteren van detentiecentra en andere plaatsen waar mensen hun vrijheid is ontnomen om inhumane behandelingen te voorkomen. Van Kalmthout deelde persoonlijke ervaringen van zijn tijd als lid van deze commissie, waarin hij geconfronteerd werd met diverse schendingen, waaronder overbevolking in de gevangenissen, mishandelingen en mensonwaardige leefomstandigheden.
Hij wees erop dat hoewel sommige verbeteringen inmiddels zijn gerealiseerd, er nog steeds talrijke uitdagingen zijn, vooral in de omgang met vreemdelingen, overvolle detentiecentra, psychiatrische inrichtingen en verzorgingshuizen. Toch, aldus Van Kalmthout, heeft de commissie een positieve invloed gehad omdat de inspectierapporten doorwerken in de beslissingen van het Europees Hof en geleid hebben tot de vaststelling van internationaal erkende normen. In veel detentiecentra zijn de leefomstandigheden daardoor aanzienlijk verbeterd.
De afgelopen 75 jaar heeft de Raad van Europa een belangrijke bijdrage geleverd aan herstel en ontwikkeling van democratie en rechtsstaat in de 46 aangesloten lidstaten. Dat neemt niet weg dat de rechtstaat, mensenrechten en democratie het gevaar lopen te eroderen, als gevolg van de populistische bewegingen binnen en buiten Europa, die democratische waarden onder druk zetten. Onderstreept door recente gebeurtenissen in zowel de Verenigde Staten als Rusland, eindigde de lezing met een kritische noot over de toekomstige uitdagingen voor de Raad van Europa, vooral te midden van toenemende politieke spanningen die de fundamentele waarden van de instelling ondermijnen. Van Kalmthout riep op tot een hernieuwde inzet om de democratie, rechtsstaat en mensenrechten te verdedigen tegen deze opkomende dreigingen.
Discussie
Na de lezing ontstond er een levendige discussie waarbij verschillende vragen en zorgen aan de orde kwamen.
Een van de eerste vragen ging over de landen die, afgebeeld op een kaart, niet zijn aangesloten bij de Raad van Europa. Wit-Rusland, aldus de spreker, is uitgesloten vanwege het dictatoriale regiem en omdat het land de doodstraf niet heeft afgeschaft. Kaliningrad maakt deel uit van Rusland, dat na de inval in Oekraïne uit de Raad van Europa is gezet. Kosovo is volgens Servië geen zelfstandige staat maar onderdeel van Servië en maakt geen deel uit van de Raad van Europa omdat het door veel landen nog niet is erkend.
Vervolgens een vraag over de toekomst van de Raad van Europa: Van Kalmthout benadrukte de rol van de Raad als belangrijke tegenkracht, samen met de Europese Unie, nu er binnen en buiten Europa ontwikkelingen gaande zijn die de democratie, rechtstaat en mensenrechten ondermijnen. Hij noemde specifiek landen als Hongarije en Turkije, waar de rechtspraak onder druk staat en het mensenrechtenverdrag en de beslissingen van het Europese Hof niet altijd worden opgevolgd. Turkije heeft na de zogenaamde revolutie van enkele jaren geleden duizenden rechters en officieren van justitie de straat op gestuurd of in de cel gezet.
Ook in Nederland bepleiten sommige partijen steeds openlijker dat we het Verdrag met de Raad van Europa maar beter kunnen opzeggen, omdat dit de eigen beleidsplannen in de wielen rijdt. Zo is opmerkelijk dat waar de Raad van State in zijn kritische advies over de Asielnoodmaatregelenwet op diverse plaatsen verwijst naar mogelijke tegenstrijdigheden met een aantal artikelen uit het Europees verdrag, de regeringspartijen in hun reacties hier volledig aan voorbij gaan. Stel dat die wet doorgaat, dan komen die artikelen later ongetwijfeld aan de orde bij een toetsing van de Nederlandse wet door het Europese Hof of door een Nederlandse rechter die verwijst naar het Europees Verdrag. En dan zul je zien dat sommige partijen reageren met: ‘Zie je wel, dat Verdrag, die rechters, die rechterlijke macht, die houden ons tegen. Wij kunnen niet doen wat wij zouden moeten doen, weg met die wetten, weg met die rechters’. Hier ben ik pessimistisch over.
Een andere aanwezige vroeg naar de humaniteit van de extra beveiligde inrichting in Vught. Van Kalmthout merkte op dat Amnesty International en het CPT regelmatig hun zorgen hebben geuit over het minder humane karakter van deze inrichting.
Er werd ook gevraagd naar de maatregelen die de Raad van Europa neemt om hun boodschap beter over te brengen. Van Kalmthout legde uit dat de RvE een goed functionerend persapparaat heeft, maar dat de onderwerpen vaak niet voldoende aandacht krijgen in de media. Hij benadrukte het probleem van onwetendheid en het gebrek aan interesse in mensenrechten in het algemeen en de betekenis van de Raad van Europa bij de handhaving en bevordering daarvan. Vorig jaar, bij het 75 jarig bestaan van de Raad, was het Brabants Dagblad de enige krant die daar uitvoerig aandacht aan heeft besteed.
Er werd ook gevraagd of landen zich aan de uitspraken van het Hof houden. Volgens van Kalmthout kan de politieke situatie in een land zodanig veranderen dat die landen zich minder gaan aantrekken van het Europees Verdrag en uitspraken van het Hof. Voorbeelden daarvan zijn Rusland, Hongarije, Turkije en tot voor kort ook Polen. Ook in Engeland stuiten uitspraken van het Hof regelmatig op protesten van politici. Engeland heeft altijd moeite gehad met het afstaan van soevereiniteit. Anders dan ten aanzien van de Europese Unie heeft Engeland het lidmaatschap van de Raad van Europa echter niet opgezegd en lijkt het land thans weer meer toenadering tot Europa te zoeken.
Ten slotte werd gevraagd naar de samenwerking tussen de Raad van Europa en Amnesty International. Van Kalmthout legde uit dat er geen formele samenwerking is, maar dat er wel veel informatie-uitwisseling plaatsvindt. Soortgelijk overleg en kennisneming van elkaars rapporten en bevindingen vindt ook plaats met andere non-gouvernementele organisaties. Echter, rapporten van het CPT, die niet openbaar zijn en vertrouwelijk verkregen informatie bevatten, mogen niet gedeeld worden met andere organisaties. Gelukkig worden alle rapporten van het CPT tegenwoordig door alle regeringen gepubliceerd.
Het werd duidelijk dat Van Kalmthout zich zorgen maakt over de erosie van de gemeenschappelijke waarden in Europa en de verminderde bewustwording van het belang van mensenrechten voor het behoud van democratie en rechtsstaat. Hij riep iedereen op tot meer betrokkenheid bij de huidige maatschappelijke en politieke ontwikkelingen. De rechtsstaat moet beschermd en versterkt worden!